500 gram bloem
100 gram roomboter
275 gram koud water
10 gram zout
350 gram roomboter/nKneed de bloem met de 100 gram boter, het water en het zout tot een deegbal.
Niet te lang kneden.
Laat het deeg 15 minuten rusten.
Druk het deeg plat en rol er vier punten aan. Plaats de 350 gram boter in het midden en vouw de punten eroverheen.
Druk het deeg plat.
Rol het in de lengte uit en vouw het deeg in vieren . Draai het een kwart slag,
rol het weer uit en vouw het weer in vieren.
Laat het 60 minuten rusten en herhaal dan deze procedure.
Laat het nogmaals 60 minuten rusten en herhaal weer de procedure.
Het bladerdeeg is nu klaar voor gebruik. Het bladerdeeg dat overblijft kan in plasticfolie in de vriezer bewaard worden./nHet uitrollen en in vieren vouwen heet in bakkerstaal ‘een halve toer’. Het deeg dan een kwart slag draaien en uitrollen is ook een halve toer. In totaal zijn er dus zes halve toeren in het hele proces.
In Frankrijk heet dit deeg mille-feuille (duizend laagjes). Als je alle laagjes aan het eind zou tellen zijn het duizenden laagjes deeg./nEr blijft vaak bladerdeeg over, bewaar dit in de vriezer. Als er voldoende bladerdeeg over is maak daar dan krakelingen van.
Afdrukken